Grommend en Soulvol

Gijsbert Kamer
De Volkskrant

De heruitgebrachte folk-albums van John Martyn

Elk label in de jaren zestig wilde zijn eigen Bob Dylan. Island Records koos voor John Martyn, de muzikant van wie geen enkele plaat op een vorige leek. Universal brengt nu tientallen oude Island-albums opnieuw uit, waaronder die van folklegende Sandy Denny en John Martyn.

Door GIJSBERT KAMER

Het had niet mogen baten. Een jaar eerder had John Martyn nog een liedje aan zijn ernstig depressieve vriend Nick Drake opgedragen, maar in november 1974 overleed hij dan toch, zeer waarschijnlijk door zelfmoord.

Don't know what's going wrong in your mind
And I can tell you didn't like what you find
When you're moving through
Solid air, solid air.
(Uit: Solid air)

Martyn en Drake woonden bij elkaar in de buurt in Hampstead, Groot-Brittannië, en kenden elkaar bovendien omdat ze op hetzelfde platenlabel hun muziek uitbrachten: Island Records. Deze door Chris Blackwell opgerichte maatschappij zou in de jaren zeventig de meeste roem vergaren met Bob Marley, maar leverde behalve aan het internationaal populariseren van Jamaicaanse reggae ook een cruciale bijdrage aan de Britse folkgeschiedenis. Bij Blackwell verschenen de eerste en beste platen van Fairport Convention, Richard & Linda Thompson, Sandy Denny, Nick Drake en John Martyn. Die platen zijn altijd redelijk leverbaar gebleven, maar de wijze waarop Islands moedermaatschappij Universal een paar jaar geleden is begonnen de enkele tientallen albums te remasteren en te voorzien van heldere toelichtingen en bonustracks, mag voorbeeldig heten.

John Martyn, rond 1977 (scan from the mag)Kroon op het werk betekende eerder dit jaar het heruitgeven van de vier solo-albums van folklegende Sandy Denny, en onlangs verschenen de platen die John Martyn uitbracht tussen 1967 en 1977. Martyn werd in 1967 als eerste blanke liedjeszanger door Blackwell gecontracteerd. Zijn eerste album London Conversation was een betrekkelijk conventionele liedjesplaat, zoals er in die tijd veel folkplaten verschenen. Ieder label wilde zijn eigen Bob Dylan, Blackwell koos voor Martyn. Wat Martyn en Dylan gemeen hebben, is hun volstrekte onberekenbaarheid. Geen enkele John Martynplaat lijkt op welke hij daarvoor uitbracht. En dat is ook een van de aardigste kenmerken van zijn vroege oeuvre. Martyn ging voortdurend het experiment aan, met rock, jazz, dub, en reggae, met als twee vaste componenten zijn stem: donker, grommend maar ongekend soulvol, en zijn met echo vervormde gitaargeluid.

DE MUZIEK VAN
JOHN MARTYN
PAST NAUWELIJKS
ONDER HET FOLK-ETIKET.

Al meteen op zijn tweede plaat, The Tumbler, gaat het roer om en wordt zijn folk doorspekt met jazz-invloeden, daarna lijkt het de inmiddels aan Island verbonden producer Joe Boyd een goed idee om Martyn twee platen te laten maken met zijn vrouw Beverley. Vooral de eerste, Stormbringer, opgenomen in Woodstock met medewerking van The Band, klinkt nog altijd heel behoorlijk. Maar bij Island raakten ze zo gedesillusioneerd door de lage verkopen dat ze Martyn verboden zijn vrouw nog te laten meezingen.

Zonder haar zou Martyn in 1971 zijn eerste klassieker opnemen, Bless The Weather, deze plaat mag nog altijd een hoogtepunt heten in de Britse folkrock, en werd hooguit overtroffen door de opvolger Solid Air en de plaat One World uit 1977. De laatste kreeg vorig jaar van Universal al de zogeheten 'Deluxe' behandeling. Een extra mooie verpakking en een bonus-cd met live-opnamen en veel studio-outtakes.

One World nam Martyn op na een verblijf op Jamaica op uitnodiging van zijn labelbaas. Hij was er slecht aan toe, na Nick Drake had hij in 1976 nog een goede vriend verloren, rockgitarist Paul Kossoff. Hij raakte hierdoor volledig van slag. Op Jamaica hervond hij zichzelf, en de combinatie van jazz, dub en elektronica leverde een klankbeeld op dat we vijftien jaar later ambient zijn gaan noemen.

De muziek van John Martyn staat op zich zelf, en past, uitgezonderd zijn debuut, nauwelijks onder het folk-etiket. Blackwell steunde hem in al zijn experimenteerdrift, met als resultaat een van de mooiste oeuvres uit zijn imposante artiestenstal. En Martyn? Die zou na One World nog één prachtplaat maken voor Blackwell, Grace And Danger, waarop hij zijn scheiding met Berverley als onderwerp heeft gemaakt. Vreemd genoeg zit dit album niet in de reeks heruitgaven. Hierna zou Martyn voor tal van andere labels platen opnemen, tot aan het vorig jaar verschenen On The Cobbles toe, maar het niveau van het nu zo fraai uitgebrachte werk heeft hij nooit meer gehaald.

De Island Remasters serie is uitgebracht bij Universal.


muffnote:
This story appeared in the Arts section of one of the most respected newspapers in the Netherlands.